Naar de inhoud
Onafhankelijk uitgezocht voor ondernemersHelder vergeleken, praktisch uitgelegd
thebusinesslife
ondernemen

Experts over de Zelfstandigenwet: waarom handhaving het verschil maakt

Zzp'er en opdrachtgever bespreken een contract aan een vergadertafel

Een wet is zo sterk als de controle erop. Dat is in het kort de kritiek die experts nu hebben op de Zelfstandigenwet. Het voorstel moet duidelijk maken wanneer iemand echt zelfstandig is, maar zonder iemand die het naleeft afdwingt, verandert er volgens hen weinig. Voor jou als zzp’er of opdrachtgever is dat geen abstracte discussie. Het bepaalt hoe groot de kans is dat er iemand van de Belastingdienst aan tafel komt, en wat er dan op tafel moet liggen.

Wat de experts zeggen

NU.nl zette op 11 oktober 2026 de reacties van experts op een rij onder de kop dat de wet niets oplost zolang er niet wordt gehandhaafd. De twijfel is of de nieuwe toetsen schijnzelfstandigheid echt tegengaan, of vooral nieuwe discussies opleveren.

Die zorg leeft breder. In Flexmarkt wijst arbeidsrechtadvocaat Hendarin Mouselli erop dat vooral de werkrelatietoets ruimte laat voor interpretatie en dat de Belastingdienst achteraf controleert. Jan Bakker, voorzitter van beroepsvereniging NVP, verwacht nieuwe discussies, bijvoorbeeld over de vraag welke voorziening voor arbeidsongeschiktheid voldoende is. Zijn samenvatting was weinig hoopvol, het leest volgens hem “een beetje als terug naar af”.

Ik deel die zorg deels. Een heldere wet helpt, maar wie zich niet aan de regels houdt, merkt pas iets als er gecontroleerd wordt. En wie zich wel aan de regels houdt, heeft pas zekerheid als die controle voorspelbaar is.

Hoe de Belastingdienst nu al controleert

Het is een misverstand dat er tot de nieuwe wet niets gebeurt. Volgens de Belastingdienst is het handhavingsmoratorium sinds 1 januari 2025 voorbij en gelden weer de normale regels. Dat betekent concreet het volgende.

  • Naheffing tot 1 januari 2025. Stelt de Belastingdienst schijnzelfstandigheid vast, dan kan hij loonheffingen naheffen over arbeidsrelaties vanaf die datum. Bij kwaadwillendheid, of als een eerdere aanwijzing niet is opgevolgd, kan dat tot vijf jaar terug.
  • Vergrijpboetes sinds 2026. Sinds 1 januari 2026 kunnen vergrijpboetes worden opgelegd. Die zijn bedoeld voor opzet of grove schuld.
  • Verzuimboetes vanaf 2027. Die worden in 2026 nog niet opgelegd. Vanaf 2027 kan dat wel.
  • Geen aanwijzing meer vooraf. Waar de fiscus eerder eerst waarschuwde, kan hij nu direct correctieverplichtingen en naheffingsaanslagen opleggen.

De controles zelf beginnen vaak met een bedrijfsbezoek. De Zaak schreef in februari 2026 dat het kabinet tot oktober 2025 842 bedrijfsbezoeken en 237 boekenonderzoeken op het gebied van arbeidsrelaties meldde. Dat zijn geen enorme aantallen op honderdduizenden zelfstandigen, maar de handhaving richt zich wel nadrukkelijk op de opdrachtgever. Die draait op voor de naheffing.

Dat de controle op gang is gekomen, zie je ook terug in de cijfers. Eerder schreven we over hoe het aantal zelfstandigen fors daalt door de handhaving en wat dat zegt over de opdrachten die overblijven.

Wat de Zelfstandigenwet aan de controle verandert

De Zelfstandigenwet gaat volgens ZiPconomy op zijn vroegst per 1 januari 2028 in. Het voorstel zit nu in internetconsultatie, daarna volgen de Raad van State en het parlement. De kern is een veilige haven. Voldoe je aan de zelfstandigentoets en aan de werkrelatietoets, dan loopt de opdrachtgever geen risico op een naheffing. Wat er precies in die toetsen staat, lees je in ons overzicht van de nieuwe Zelfstandigenwet.

Voor de handhaving betekent dat drie dingen.

Ten eerste verschuift de vraag. Blijft het voorstel zoals het nu is, dan hoeft de Belastingdienst straks minder te wegen of een relatie in totaal op loondienst lijkt, en meer te controleren of de criteria aantoonbaar zijn gehaald. Wie zijn dossier op orde heeft, staat sterker.

Ten tweede blijft het controle achteraf. Een opdrachtgever kan vooraf navraag doen en een zzp’er kan een eigen verklaring of een derdenverklaring van bijvoorbeeld een accountant laten opstellen. Maar Mouselli waarschuwt dat vastleggen alleen niet genoeg is. Een opdrachtgever moet tijdens de opdracht blijven nagaan of de zelfstandige nog aan de voorwaarden voldoet.

Ten derde is het alles of niets. Mis je één criterium, dan vervalt de bescherming en val je terug op de bestaande regels. Daarom maken zzp’ers zich zorgen over een veilige haven die in de praktijk een harde inhuureis wordt.

Wat dit betekent voor je opdrachten

Mijn conclusie is dat je niet op 2028 moet wachten. De handhaving van nu loopt door en wordt elk jaar scherper, en de nieuwe wet beloont vooral wie het al goed geregeld heeft. Een paar dingen die je nu kunt doen.

  • Werk op resultaat. Volgens Flexmarkt rekent maar 27 procent van de werkgevers zzp’ers nu al af op resultaat, terwijl dat in het voorstel een criterium is. Een opdracht met een omschreven eindproduct en een vaste prijs is beter te verdedigen dan een open eind met uren per week.
  • Bouw een dossier. Bewaar per opdracht de offerte, de afspraken over hoe en wanneer je werkt en de facturen. Bij een bedrijfsbezoek wil een controleur juist dat zien.
  • Toets jezelf. Met de zelfstandigentoets en de werkrelatietoets kun je nu al zelf checken hoe je ervoor staat. Doe dat vooral bij langlopende opdrachten.
  • Spreid je klanten. Het voorstel vraagt minstens drie opdrachtgevers in twee jaar, en een bemiddelingsbureau telt daarbij als één. Wie nu bijna alles via één partij doet, heeft tijd nodig om dat te veranderen.

Ben je opdrachtgever, behandel de nieuwe wet dan niet als een vinkje dat je één keer zet. De Belastingdienst kijkt achteraf, en dan telt hoe de samenwerking echt liep, niet hoe hij ooit op papier stond. Dat is precies waar de experts op wijzen, en eerlijk gezegd is dat ook de enige manier waarop de wet iets kan oplossen.