Het Internationaal Monetair Fonds is positiever over de Nederlandse economie dan een paar maanden geleden. Dat klinkt als nieuws voor economen, maar het raakt ook de ondernemer die nu zijn begroting voor volgend jaar maakt. Wat zegt zo’n groeicijfer over jouw klanten, je kosten en de vraag of je je tarieven nu moet aanpassen?
Wat het IMF verwacht
Volgens de NOS rekent het IMF voor dit jaar op 1,5 procent groei voor Nederland. In juli ging het fonds nog uit van 1 procent. Voor 2027 verwacht het IMF 1,3 procent. Daarmee zit het dicht bij het Centraal Planbureau, dat eerder op vergelijkbare cijfers uitkwam. Een belangrijke reden is Duitsland, onze grootste handelspartner, waar de vooruitzichten flink zijn verbeterd. Ook de grote investeringen in technologie trekken de wereldeconomie omhoog, meldt NU, en dat terwijl energie duur blijft.
Het IMF verhoogde ook licht de verwachting voor de wereldeconomie, schrijft HLN. De gevolgen van de oorlog rond Iran voor de olie en gasstromen bleven beperkter dan gevreesd, al blijft dat een risico dat het fonds nadrukkelijk noemt.
Groei is een gemiddelde, geen belofte
Een economie die 1,5 procent groeit, betekent niet dat jouw omzet met 1,5 procent stijgt. Het is een optelsom van heel verschillende sectoren. Een groot deel van de groei komt uit export, investeringen en de overheid. De winkelier in een dorpskern of de schilder met een eenmanszaak merkt daar soms weinig van. Ik zie het cijfer daarom liever als achtergrond dan als prognose voor je eigen boeken.
Wat het wel zegt, is dat de economie niet afglijdt. Voor wie twijfelde over een investering of over een nieuwe medewerker, is dat relevant. Een krimpende economie is een reden om op de rem te trappen. Een economie die rustig groeit, is dat niet.
De kosten groeien mee
Tegenover de groei staat dat het leven duurder blijft. Het IMF gaat voor Nederland dit jaar uit van een inflatie van 2,9 procent. Energie is duur, de lonen stijgen en dat werkt door in alles wat je inkoopt. Eerder schreven we al over de oplopende inflatie en wat die doet met je prijzen. Die rekensom is niet veranderd door het IMF, hij is alleen wat minder somber geworden.
Dat is het punt waar veel ondernemers zich in vergissen. Een groeiende economie voelt als ruimte, maar als je kosten harder stijgen dan je omzet, lever je ondertussen marge in. Vooral wie met vaste prijsafspraken of jaarcontracten werkt, merkt dat pas als het boekjaar voorbij is.
Moet je nu je tarieven bijstellen?
Mijn korte antwoord is ja, als je dat dit jaar nog niet deed. Niet omdat het IMF positief is, maar omdat je kosten zijn gestegen en je klanten er gemiddeld genomen iets meer ruimte voor hebben dan een jaar geleden. Een rustig groeiende economie is juist het moment om een prijsverhoging door te voeren. In een krimp is dat veel lastiger.
Maak de beslissing wel op basis van je eigen cijfers. Drie vragen helpen daarbij.
- Hoeveel zijn je inkoop, energie en loonkosten dit jaar gestegen, in procenten?
- Hoeveel van je omzet zit vast in afspraken die je pas in januari kunt aanpassen?
- Hoe reageerden je klanten op je laatste prijsverhoging, en hoe lang is die geleden?
Liggen je kosten duidelijk boven het niveau waarop je je huidige prijzen ooit vaststelde, dan is een aanpassing per 1 januari logisch. Kondig hem op tijd aan, liefst nu al in het najaar. Klanten die het ruim van tevoren horen, kunnen het meenemen in hun eigen begroting, en dat scheelt discussie.
Wat je niet moet doen
Ga niet uit van een hogere omzet omdat de economie groeit. Plan je begroting voor 2027 voorzichtig, met je eigen omzetverloop als uitgangspunt en eventueel een paar procent groei als je dat in je markt echt ziet. De IMF-cijfers zijn een verwachting, en verwachtingen worden bijgesteld. In juli dacht hetzelfde fonds nog aan 1 procent. Een buffer voor tegenvallers is dus geen overbodige luxe, ook niet in een jaar dat er goed uitziet.
En houd de energierekening in de gaten. Die is volgens het IMF de grootste schaduw over de Nederlandse groei. Wie daar nog winst kan halen met besparing of een betere aansluiting, zet zijn bedrijf steviger neer dan wie alleen op de conjunctuur rekent.
