Veel zzp’ers vinden hun opdrachten niet zelf, maar via een bemiddelingsbureau, een broker of een platform. Dat scheelt acquisitie en administratie. In de nieuwe Zelfstandigenwet kan het je straks iets kosten. Volgens het conceptvoorstel telt zo’n tussenpartij namelijk als één opdrachtgever, ook als je via die partij voor vijf verschillende klanten werkt. En juist het aantal opdrachtgevers wordt een harde eis.
ZiPconomy zette op 11 oktober 2026 in een analyse van Boris Emmerig de vraag op scherp of die regel wel klopt. Daar zit een praktisch probleem onder dat ik iedere zzp’er die via een bureau werkt zou aanraden nu al uit te zoeken.
Waarom het aantal opdrachtgevers ertoe doet
De Zelfstandigenwet, die minister Aartsen begin oktober in internetconsultatie bracht, werkt met twee toetsen. In de zelfstandigentoets staat onder meer dat je in het lopende en het vorige kalenderjaar samen minstens drie opdrachtgevers moet hebben gehad, elk met een substantieel deel van je omzet. Wie daar niet aan voldoet, valt niet onder de zekerheid die de wet belooft. Hoe die drie opdrachtgevers precies worden geteld, heb ik eerder uitgewerkt in het stuk over de eis van drie opdrachtgevers.
De wet moet volgens de huidige planning op 1 januari 2028 ingaan, meldt TPO. Tot die tijd blijft het bestaande systeem gelden. Reageren op het voorstel kan nog tot en met 29 oktober.
Wat het voorstel zegt over de intermediair
De toelichting bij het wetsvoorstel maakt onderscheid tussen twee situaties.
- Je sluit je contract met de intermediair en voert via die partij opdrachten uit bij diens klanten. Dan telt de intermediair als één opdrachtgever, hoeveel eindklanten er ook achter zitten.
- Het bureau of platform brengt alleen vraag en aanbod bij elkaar en jij sluit het contract met de klant zelf. Dan telt elke klant apart.
Voor veel zzp’ers in de eerste groep is dat een flinke streep door de rekening. Denk aan een interim-professional die via een broker achter elkaar voor drie gemeenten en een provincie werkt. In de praktijk vier verschillende organisaties, met eigen teams en eigen opdrachten. Op papier straks één opdrachtgever.
Is de intermediair echt de opdrachtgever?
Daar wringt het, en dat is precies het punt van ZiPconomy. Bart Smals, directeur van Bovib (de brancheorganisatie van bemiddelaars en brokers), vindt de regel onwenselijk. Werk je via raamcontracten voor meerdere overheden, dan zijn dat volgens hem “wel degelijk verschillende opdrachtgevers”.
Opvallend is dat rechtspraak een andere kant op wijst dan het voorstel. In een zaak die ZiPconomy aanhaalt, oordeelde de rechter dat een intermediair die niet verder gaat dan bemiddelen en factureren (de zogeheten bemiddelings- en kassiersfunctie) niet de echte opdrachtgever is. Dat was in die zaak de bank waar de zzp’er feitelijk het werk deed. Als die lijn klopt, is het merkwaardig dat de wet het voor de telling van opdrachtgevers precies andersom regelt.
Ik begrijp wel waar het kabinet vandaan komt. Een bureau dat jarenlang dezelfde zzp’er bij steeds nieuwe klanten neerzet, lijkt in de praktijk soms meer op een werkgever dan op een makelaar. Maar een regel die elke bemiddelaar over één kam scheert, raakt ook de zzp’er die gewoon veel verschillende klanten bedient en alleen de contractafhandeling uitbesteedt. Dat is geen schijnzelfstandigheid, dat is efficiënt ondernemen.
Wat je nu al kunt doen
De wet is nog een voorstel, en de toelichting kan na de consultatie veranderen. Toch loont het om nu naar je eigen situatie te kijken, want de telling gaat over twee kalenderjaren. Wie in 2028 aan de eis wil voldoen, bouwt daar in 2027 al aan.
- Kijk naar je contracten. Met wie heb je de overeenkomst gesloten, met het bureau of met de klant? Dat bepaalt straks hoe de opdracht telt.
- Tel je opdrachtgevers zoals de wet het doet. Zet alle opdrachten van 2026 en de verwachte opdrachten van 2027 op een rij en tel elk bureau als één. Kom je dan onder de drie, dan weet je waar je aan moet werken.
- Vraag je bemiddelaar hoe hij het gaat inrichten. Sommige platforms werken nu al met een model waarin je direct met de klant contracteert. Andere bureaus zullen hun contracten mogelijk aanpassen. Vraag het, en vraag het op papier.
- Spreid waar het kan. Eén of twee opdrachten die je zelf binnenhaalt, naast het werk via een bureau, kunnen het verschil maken. Let wel op dat het echte opdrachten zijn met een serieus deel van je omzet, geen klusjes om aan een aantal te komen.
- Laat van je horen. Herken je jezelf in dit probleem, reageer dan in de consultatie. Hoe dat werkt, lees je in de uitleg over reageren op de internetconsultatie.
Wat dit zegt over de wet als geheel
De Zelfstandigenwet belooft duidelijkheid, en die is hard nodig na jaren van onzekerheid rond de Wet DBA. Maar duidelijkheid werkt alleen als de regel aansluit bij hoe zzp’ers werken. Een groot deel van de inhuur bij overheden en grote organisaties loopt via brokers en bemiddelaars, vaak omdat de klant dat zelf zo wil. De zzp’er kiest die route dus niet altijd zelf.
Mijn verwachting is dat dit punt in de consultatie veel reacties oplevert en dat de toelichting nog wordt aangescherpt, bijvoorbeeld door het onderscheid tussen bemiddelen en echt opdrachtgeverschap scherper te maken. Tot die tijd is het verstandig om ervan uit te gaan dat de regel blijft zoals hij nu op papier staat. Wie zijn opdrachtenmix daar op tijd op inricht, hoeft in 2028 niet te schrikken.
